Het doek gaat dicht, het stuk begint. In een poëtische voorstelling verkent Lara Dâmaso de relatie tussen lichaam en geluid. Zij en performer Tarren Johnson zoeken een vorm die het midden houdt tussen ballet, opera, choreografie, zang, arrangement en improvisatie. Ze gaan in dialoog met de muziek van Ludwig Abraham, waarbij het geluid van hun stemmen en bewegingen onderdeel van de muziek lijkt te worden.
Anne Carson wijst in haar tekst The gender of sound (1995) op de eeuwenlange historische onderdrukking van vrouwenstemmen die esthetische vormen en formats hebben gevonden in de kunsten. Dâmaso en Johnson counteren deze stilte met de beweging van lichaam en stem, en ontketenen hun esthetisch-politieke potentieel met de dissonante compositie. Between the Veils breekt met de conventies van klassieke dans en zang en onthult wat daarbuiten ligt.