Mathilde Monnier - Centre Chorégraph. Nat. de Montpellier Languedoc-Roussillon
Arrêtez, Arrêtons, Arrête
Data
vr 30 jan 1998 - 20:00
za 31 jan 1998 - 20:00
zo 01 feb 1998 - 15:00
zo 01 feb 1998 - 20:00
locatie
Rode zaal
duurtijd
4u 59' Toen Mathilde Monnier in 1992 de leiding nam van het 'Centre Chorégraphique' in Montpellier, besloot zij haar artistiek project te funderen op een werking gericht naar een territorium, een stad, een streek, kortom doordrongen van de 'wereld daarbuiten'. 'L'Atelier en pièces' is een productie die poogt te beantwoorden aan deze behoefte om het reële parallel te behandelen met het fictieve.
Op basis van de observatie van en de ontmoeting met sociaal onaangepaste patiënten in de psychiatrische kliniek van La Colombière in Montpellier, besloot Mathilde Monnier met haar dansers een imaginaire wereld op te roepen in een scenisch afgesloten, obscure ruimte. Het is het autisme, deze "lege burcht" om de woorden van Bruno Bettelheim te gebruiken, die weerklinkt in 'L'Atelier en pièces'. Hoe de andere te benaderen wanneer woorden en sociale codes niet meer bestaan? Kan de beweging de gesproken taal vervangen? Deze vraagstelling leidde Mathilde Monnier tot een terugkeer naar de beweging.
'L'Atelier en pièces' gaat over de grenzen van de menselijke taal, waarin het lichaam 'het woord neemt'. Autisten draaien onze codes om, onze wetten, onze manier van omgaan met de tijd, met de anderen. De titel refereert bewust aan het atelier van een schilder of een beeldhouwer, waar een kunstwerk bezig is tot stand te komen, maar even goed aan een werf of een laboratorium. De toeschouwers bevinden zich in een doorschijnende witte ruimte, waarbinnen op de vier hoeken videomonitoren opgesteld staan. Op vier schermen tegelijk dialogeren David Moss en Benjamin Massé Lassaque, deze laatste ook met zichzelf. De Newyorkse 'geluidsvirtuoos' David Moss, percussionist, componist en zanger, creëert met zijn bizarre stem verscheidene sonore werelden. Hij is een performer, die ons met zijn onbegrijpelijke maar toch warme en zelfs lyrische taal naar een andere wereld voert. Benjamin Massé Lassaque, autistisch, vertegenwoordigt 'de andere'. Door de de-structurering van zijn bewegingen, introduceert hij de werkelijkheid in de voorstelling.
De voorstelling gaat over waanzin, niet in pathologische zin, maar als een geestestoestand: het verlies van de werkelijkheid, de vrees om in een wereld te vervallen die men niet meer controleert. "De waanzin is dichtbij, in ieder van ons. Ik wilde al lang de dans tot in het uiterste onderzoeken, tot bij gedesarticuleerde en lijdende lichamen. Ik heb vijftien jaar gewacht om dit onderwerp aan te vatten, tot ik sterk genoeg was. Je kan zo iets immers niet op een lichtvaardige manier aanpakken." De dans bevat van nature heel veel incoherentie, onuitgesproken dingen, zelfs non-sens : het is één van de kunsten die het best uitdrukking kan geven aan de waan. Er is een manier van gek zijn die functioneert, die een innerlijke logica en structuur heeft. En daar ligt wellicht de taak van de choreograaf: heel voorzichtig en nauwgezet dit mechanisme ontvouwen. Normaal streeft een danser naar een maximale beheersing van zijn lichaam. Hier legt hij de omgekeerde weg af: hij tracht diep in zichzelf een punt te vinden waar hij controle verliest. "De hele alchemie in de verhouding tussen lichaam en geest blijft een mysterie. De dans kan dat allemaal vertellen: hij kan spreken zonder uit te leggen, hij kan een lichaam begrijpen zonder aanwending van een theorie. De dansers hebben zeer vlug aansluiting gevonden bij de mensen van het psychiatrisch atelier omdat zij onmiddellijk hun lichaam konden laten spreken."
De nieuwe productie 'Arrêtez, arrêtons, arrête' die in juni 1997 op het festival van Montpellier in première gaat, is een vervolg op 'L'Atelier en pièces'. Naar de diepte van onze ziel afdalen is een langzaam en pijnlijk proces dat men blijkbaar niet abrupt kan afbreken. Beide stukken vormen een tweeluik dat binnen eenzelfde week in deSingel getoond wordt. De figuur van Vaslav
Nijinski, vooral de periode van zijn ziekte, van zijn verbaal delirium, wanneer de excessen van het woord zijn hoofd bezetten, zijn studiemateriaal in de voorbereiding van de creatie. Precies het moment waar Nijinski 'kapseist', het moment waarop hij breekt met de realiteit omwille van zijn schizofrenie. Dit verlies van aanknopingspunten, deze innerlijke dialoog en tegelijk het gevoel dat dit delirium aanleiding geeft tot een grote vrijheid, in ieder geval een vrijheid om dingen uit te vinden, te creëren. Alsof het zichtbare van de dingen van binnen zit en het onleesbare in de buitenwereld. Mathilde Monnier vroeg aan de Franse schrijfster Christine Angot een tekst te schrijven die de dans activeert maar zoals bij de muziek er niet mee samenvalt. Het schrijven van de tekst én van de choreografie vindt tegelijkertijd plaats, in een gemeenschappelijke poging vorm te geven aan datgene wat iedereen in zijn isolement gemeen heeft met de anderen.