Amati Quartett
Johannes Brahms was al veertig jaar oud toen hij in 1873 zijn eerste strijkkwartetten, opus 51 nr 1 en opus 51 nr 2, publiceerde. Nochtans weten we van zijn vrienden dat hij er reeds twintig andere had gecomponeerd. Twintig! Die alle in de papiermand terechtgekomen waren! Dat is alleszins tekenend voor Brahms' gebrek aan zelfvertrouwen. En het verduidelijkt ook het uitgesproken rijpe karakter van deze 'eerste' kwartetten.
Ook Mozarts Strijkkwartet in G, KV387, wordt doorgaans in de categorie rijpe werken ingedeeld. Dit kwartet is het eerste van de aan Haydn opgedragen strijkkwartetten waarmee Mozart zijn vriendschappelijk en collegiaal respect voor zijn "Padre, Guida ed Amico!" in noten heeft omgezet.
En ook het derde werk op het programma behoort tot de rijpe fase van een componist. Meer zelfs, het Tweede Strijkkwartet opus 56 van Karol Szymanowski (1882-1937) is diens ultieme kamermuziekwerk. Vaak wordt het bij zijn Poolse periode ingedeeld, omdat Szymanowski er folkloristische motieven en melodieflarden uit de volksmuziek van het Tatragebergte in verwerkte. Maar ware kunst overstijgt enge nationalistische grenzen. Zo weet ook dit werk met zijn fijngesponnen motieven en melancholische sfeer de luisteraar te ontroeren.
Werken
Strijkkwartet nr 14 in G, KV387 'Lente'
Strijkkwartet nr 2, opus 56
Strijkkwartet nr 2 in a, opus 51 nr 2
Credits
viool
altviool
cello
ensemble