Beethoven Academie - Roy Goodman
Met het huisorkest Beethoven Academie en drie jonge helden van de viool exploreren we dit seizoen het klassiek en romantisch vioolconcerto met telkens een Schubert-symfonie als complement. De Britse dirigent Roy Goodman en de Nederlandse violiste Janine Jansen openen de reeks met Brahms en Schubert.
In 1877 begon Johannes Brahms eindelijk aan het vioolconcerto dat hij zijn vriend, de beroemde vioolvirtuoos Joseph Joachim, had beloofd. Een intense samenwerking van beide vrienden aan de piano leidde tot de uiteindelijke versie. Brahms schrapte de middelste twee delen en verving ze door wat hijzelf "een onbenullig adagio" noemde. Ondanks Brahms' valse bescheidenheid wordt dit deel beschouwd als het emotionele hart van het concerto. Na een gedeeltelijk mislukte creatie op 1 januari 1879 in Leipzig, kende het werk veertien dagen later een ware triomf in Wenen. Sindsdien blijft het één van de meest gespeelde en geliefde vioolconcerti.
Als pendant kozen we voor een van de allermooiste symfonieën, Die Grosse van Franz Schubert, ongetwijfeld zijn belangrijkste orkestwerk. Schubert bereikt hier het toppunt van zijn muzikale kunnen in een monumentale schepping, een eeuwig jeugdig meesterwerk. Bij de creatie schreef Schumann dat deze symfonie een effect had gehad zoals dat sinds de creatie van de symfonieën van Beethoven niet meer was gebeurd.
Werken
Concerto voor viool en orkest in D, opus 77
Symfonie nr 8 (9) in C, D944, ‘Die Große’
Credits
muzikale leiding
muzikale leiding
viool
viool
orkest