Koninklijk Filharmonisch Orkest Van Vlaanderen - Lothar Zagrosek
Mahler
"Ik ben drie keer dakloos: als Bohemer tussen de Oostenrijkers, als Oostenrijker tussen de Duitsers en als jood in de hele wereld"
(Gustav Mahler)
Gustav Mahler (1860-1911) is thans vrijwel door iedereen in zijn grootsheid en zijn belang voor het muziekleven van onze eeuw aanvaard. Dat was tijdens zijn korte leven lang niet het geval. De mens en zijn muziek stuitten overal, en dan vooral in het oerconservatieve Wenen, op vrij veel weerstand. Mahler zelf profeteerde dat zijn tijd nog moest komen. Een voorspelling die lijkt te zijn uitgekomen.
Veel mensen herkennen zich in de aarts-romanticus die Mahler ongetwijfeld was. Zijn verscheurdheid is ons eigen geworden. "De aarde is mooi, maar de 'wereld' is verschrikkelijk"; dit besef spreekt uit al zijn werken. Zijn obsessie voor het lijden en de dood zijn altijd gekoppeld aan een onstuitbare energie en honger naar het leven. Ernst en raffinement wisselen af met humor en ongepolijste natuurverbondenheid. Of zoals de jonge Mahler het eens in een brief formuleerde: "De hoogste gloed van de vreugdevolste levenskracht en de allesverterende verzuchting naar de dood: beide tronen afwisselend in mijn hart".
Vaste partners voor dit prestigieuze Mahler-project zijn het Budapest Festival Orchestra en het Koninklijk Filharmonisch Orkest van Vlaanderen.
Dit laatste orkest opent de reeks met twee 'fragmenten' - al duren beide stukken ieder ruim een half uur - van de symfonieën twee en tien. "Totenfeier" is de oervorm van het eerste deel van de tweede symfonie en behoort tot de
eerste periode uit Mahlers leven. Het hartverscheurende adagio van de onvoltooid gebleven tiende symfonie is zijn laatste uitgeschreven werk. Mahlers muziek wordt samen met de creatie van het fluitconcerto van de Vlaamse componist Frederik van Rossum uitgevoerd. De muzikale leiding ligt in handen van gastdirigent David Atherton.
Op een tweede avond vertolkt het Filharmonisch Orkest onder leiding van Lothar Zagrosek de zesde of "tragische" symfonie (de term stamt van Mahler zelf). De inhoud van de symfonie is kort en krachtig: de held bevecht het noodlot en gaat ten onder. De zesde is Mahlers meest sombere symfonie.
Gunther Schönwand dirigeert het orkest tijdens het derde concert met de negende, de symfonische pendant van de liedcyclus Das Lied von der Erde. Ze geldt als de voorbode van Mahlers dood en is één lang afscheid van het leven.
De vierde symfonie sluit de Mahler-reeks van dit seizoen af. Het is de kortste en meest luchtige. Mahler zet ook hier de menselijke stem in. In het slotdeel bezingt een engelachtige sopraan de kinderlijke onschuld van het hervonden paradijs. Soliste is de Hongaarse sopraan Ibolya Verebics, het Budapest Festival Orchestra musiceert onder leiding van vaste dirigent Yvan Fischer.
Werken
Symfonie nr 6 in a
Credits
muzikale leiding
muzikale uitvoering