Koor en Orkest Collegium Vocale Gent - Philippe Herreweghe
Bach
Ongeveer een jaar na zijn aanstelling als cantor in Leipzig weerklonk op Goede Vrijdag 7 april 1724 de eerste uitvoering van de Johannes-Passion. Het is een absoluut hoogtepunt in de indrukwekkende werkcatalogus van Johann Sebastian Bach (1685-1750). Van bij het openingskoor Herr, unser Herrscher tot aan het slotkoraal Ach Herr, lass dein lieb Engelein leidt de evangelist ons door het lijdensverhaal van Christus.
Bach baseerde zich voornamelijk op de kapittels achttien en negentien van het Johannesevangelie en gebruikte verder, om het dramatisch effect te verhogen, enkele regels uit Mattheus. Voor de aria's en arioso's nam hij stukken uit Der für die Sünden der Welt gemarterte und sterbende Jesus van Barthold H. Brockes. Typisch voor Bach is wel dat hij de gezwollen, met stijlfiguren overladen tekst transformeerde en naar zijn hand zette.
De Johannes-Passion was niet zonder meer vrome muziek. Bach en de luisteraar leefden intens mee, voelden mededogen, verontwaardiging, ontzag en - ook als niet-gelovigen - de kracht van het geloof. Bach slaagde erin het oude en het nieuwe, het kerkelijke en het wereldlijke, het functioneel gebondene en het compositorisch autonome met elkaar te verbinden. Het was trouwens de eerste keer dat hij in zijn kerkmuziek compositietechnieken uit zijn instrumentale muziek overnam. De Johannes-Passion was in zijn tijd een modern werk, dat thans nog niets van zijn glans en genie verloren heeft.
Werken
Johannes-Passion, BWV245
Credits
muzikale leiding
sopraan
alt
tenor
bas
Meer