Koor en Orkest Collegium Vocale - Philippe Herreweghe
Data
zo 30 nov 2003 - 19:15
zo 30 nov 2003 - 20:00
locatie
Blauwe zaal
prijs
€40, €32, €25 (-25/65+ €32, €25, €20 / -19 jaar €8)
duurtijd
1u 40' Tijdens zijn verblijf in Leipzig, vanaf 1723, hield J. S. Bach (1685-1750) zich met opmerkelijke ijver bezig met religieuze muziek. Centraal daarbij stond het componeren van 'Hauptmusik': een cantate met een aan de bijbel gerelateerde tekst, gecomponeerd voor zondagen en kerkelijke feesten. Hij nam deze traditie over van de vorige cantors van de Thomaskerk. Bach realiseerde echter een oeuvre van ongeziene omvang. Op relatief korte tijd, tussen 1723 en 1729, componeerde hij vijf volledige cantatecycli voor het kerkelijk jaar, met zestig cantates per cyclus, wat een totaal maakte van driehonderd religieuze cantates. De cantate maakte integraal deel uit van de lutherse liturgie in Leipzig. Zij volgde onmiddellijk na het voorlezen van het evangelie en kwam voor het credo en de homilie.
Collegium Vocale Gent voert drie cantates uit. De twee cantates Aus tiefer Not schrei ich zu Dir (BWV38) en Wir müssen durch viel Trübsal (BWV146) illustreren zijn meesterschap in het genre dat Bach ontwikkelde in Leipzig. Wir müssen durch viel Trübsal werd geschreven werden voor 'Domenica Jubilate', de zesde zondag na Pasen net als de cantate Weinen, Klagen, Sorgen, Zagen (BWV12), die Bach nog schreef tijdens zijn concertmeesterschap in Weimar (1714), toen hij de melodische declamatie en expressieve frasering in Italiaanse stijl begon te verkennen. Veel later, in 1749, zou hij de thema's van deze cantate uitwerken in het 'Et incarnatus est' uit het credo van zijn Hohe Messe (BWV232).
Werken
Cantate 'Weinen, Klagen, Sorgen, Zagen', BWV12
Cantate 'Aus tiefer Not schrei ich zu Dir', BWV38
Cantate 'Wir müssen durch viel Trübsal', BWV146