Silverstein - Zimmerman - Queyras - Aimard
Een pianokwartet met de gedroomde musici, zo kan dit illustere gezelschap gerust omschreven worden. Wanneer zij dan nog twee sleutelwerken uit de romantische pianokwartetliteratuur samen met een contrasterend strijktrio vertolken, zijn bijna alle ingrediënten voor een onvergetelijke avond kamermuziek gegarandeerd. Robert Schumann schreef zijn Pianokwartet tijdens het najaar van 1842 in hetzelfde elan als zijn beroemde Pianokwintet, en dit in weerwil van vreselijke slapeloze nachten. Het is een wat geheimzinnig maar schit-terend werk dat vooruitwijst naar de latere werken van Johannes Brahms voor dezelfde bezetting. Van Brahms zelf krijgen we het eerder academische Tweede Pianokwartet te horen, een minder gespeeld stuk dat bij momenten twijfelt tussen Weens classicisme en Hongaarse ritmes. Breedvoerige Brahms voor echte kamermuziekliefhebbers dus. Tussendoor vertolken de strijkers een van de belangrijkste werken uit Schönbergs laatste periode, het rigoureus dodecafonische Strijktrio uit 1946. Een werk met plotse tempowisselingen, ontdaan van elke verwijzing naar de klassieke vorm.
Werken
Kwartet voor piano, viool, altviool en cello in Es, opus 47
Strijktrio, opus 45
Kwartet voor piano, viool, altviool en cello nr 3 in c, opus 60
Credits
viool
altviool
cello
piano