Trio Fibonacci
Het Trio Fibonacci vertrekt van het Pianotrio van Harvey om een mooie thematische bloemlezing te maken van muziek voor kleine kamermuziekbezettingen uit de laatste decennia.
Jonathan Harvey schreef zijn Piano Trio in 1971 op maat van bevriende musici. Aangezien het een zeer hechte groep betrof, durfde hij het aan passages te componeren waarin een of twee van de musici in onafhankelijk tempo ingaan tegen de anderen.
Fibonacci koos ook twee pianotrio's van Salvatore Sciarrino (°1947), 'il simpatico' van de Italiaanse avant-garde. Zijn intimistische muziek, sterk gebonden aan timbres en adem, is gebouwd op het principe van microvariaties van sonore structuren. Van zijn landgenoot Giacinto Scelsi (1905-1988) spelen de cellist en pianist van Fibonacci 'To the master - two improvisations' uit 1974. Sinds de jaren vijftig ontwikkelde Scelsi een nieuw muzikaal concept. Beïnvloed door oosterse religies beschouwde hij de klank als "de kosmische kracht waarvan alles afkomstig is" en zag hij zichzelf niet langer als een componist, maar wel als een medium dat de boodschap van een transcendente realiteit openbaart via meditatie en improvisatie. Om de muziek die hij had "ontvangen" te kunnen bewaren, nam Scelsi al zijn improvisaties op op band om ze dan vervolgens te transcriberen voor verschillende instrumenten. Van de Brit James Wood (°1953) tenslotte speelt Fibonacci 'Autumn Voices', een werk voor viool en electronics uit 2001, gebaseerd op Verlaines beroemde regels 'Les sanglots longs Des violons De l'automne'. Wood geeft hier de uitzonderlijke kleurentransformatie van de bladeren in de herfst muzikaal weer aan de hand van een geleidelijk evoluerend harmonisch veld dat uitgaat van het spectrum van de vier open snaren van de viool.
Werken
Trio (1971)
Trio nr 1 (1979)
Trio nr 2 (1987)
To the master voor cello en piano
'Autumn voices' voor viool en electronics (2001)