Kammerorchester Basel . Paul Goodwin
Vier Landen
Data
zo 20 nov 2005 - 20:00
locatie
Blauwe zaal
prijs
€30, €25, €20 (-25/65+ €25, €20, €15 / -19 jaar €8)
duurtijd
1u 50' pauze
pauze omstreeks 20.45 uur
Extra info
inleiding Jan Devlieger . 19.15 uur . Foyer
Tijdens een groot deel van de barok kenden de belangrijkste Europese landen elk een eigen muzikale traditie, met heel aparte stijlkenmerken en voorkeuren voor bepaalde genres. Natuurlijk bleef Italië, waar in de vroege zeventiende eeuw de barokmuziek ontstaan was, het epicentrum van muzikaal Europa. Arcangelo Corelli (1653-1713) zette er nieuwe standaarden neer in de belangrijkste instrumentale genres, zoals de viool- en de triosonate. Met zijn twaalf Concerti Grossi opus 6, in 1714 postuum door Estienne Roger in Amsterdam uitgegeven, zorgde hij voor een ware rage. Diverse componisten die Corelli deze concerti hoorden uitvoeren, schreven eenmaal thuis gelijkaardige werken, zodat het concerto grosso rond 1700 zonder meer het meest populaire orkestrale genre werd. Vooral Engeland kende in het begin van de achttiende eeuw een ware Corelli-rage, vooral omdat Corelli's leerling Geminiani er zich een vurig pleitbezorger van zijn leermeester toonde.
Georg Friedrich Händel (1685-1759) speelde met zijn kleurrijk georkestreerde Concerti Grossi opus 3 dankbaar in op deze tendens. In Frankrijk daarentegen overheerste de orkestsuite, met Jean-Baptiste Lully en vooral Jean-Philippe Rameau (1683-1764) als belangrijkste vertegenwoordigers. De 'Tafelmusik' van Georg Philipp Telemann (1681-1767) bevat zowel voorbeelden van Frans genspireerde suites als van Italiaans genspireerde concerti.
Werken
Suite uit 'Les Paladins', RCT51
Concerto grosso in Bes, opus 3 nr 2
Concerto grosso in D, opus 6 nr 4
Tafelmusik III, TWV55