Marc Ribot
Marc Ribot werd geboren in Newark (New Jersey) in 1954. Als teenager speelde hij gitaar in diverse garagebands terwijl hij studeerde bij zijn mentor, de Haïtiaanse klassieke gitarist en componist Frantz Casseus. In 1978 maakte hij de overstap naar New York, waar hij in bands speelde van muzikanten als jazzorganist Jack McDuff en de legendarische soulzanger Wilson Pickett. Hij vervoegde in 1984 de Lounge Lizards, de vernieuwende en invloedrijke jazzgroep van John Lurie, waarvan hij gedurende vijf jaar lid zou blijven. In die periode trok het spel van Ribot, dat elementen van klassieke blues gitaar mengde met de ironische No Wave/Knitting Factory esthetiek, de aandacht van een aantal artiesten die ook interesse hadden in het versmelten en ontwrichten van uiteenlopende muzikale tradities. Ribot werkt mee aan een aantal van de mooiste opnames van deze zangers/componisten: Spike, Mighty like a rose en Kojak Variety van Elvis Costello, Blazing Away van Marianne Faithful en Rain Dogs, Big Time, Frank's Wild Years en Mule Variations van Tom Waits. Terzelfdertijd bleef Ribot de steeds vernieuwde New Yorkse nieuwe muziekscène exploreren door werk met muzikanten als Arto Lindsay, Don Byron, Anthony Coleman, T-Bone Burnett, Jazz Passangers, Evan Lurie, Sun Ra Orkestra, Chocolate Genius, Bill Frisell, Medeski Martin & Wood en John Zorn. Hiernaast componeerde Marc Ribot ook eigen soul muziek met zijn bands, Rootless Cosmopolitans en Shrek. In 1996 werd zijn plaat Don't blame me, een solo met heruitvindingen van Amerikaanse standards, door Village Voice geprezen als "een plaat vol smakelijk en ongewoon amusement". Het label Atlantic Records bracht in 1998 het enthousiast onthaalde Marc Ribot y los Cubanos Postizos uit, met Ribots prachtige interpretaties van materiaal van de grote Cubaanse songschrijver Arsenio Rodriguez. In 2001 kwam Saints uit, een solowerk waarin Ribot bekende wijsjes van The Beatles of Leonard Bernstein in afwijkende geluidscollages veranderde. Ook de wereld van podiumkunsten en film deed beroep op het talent van Ribot: zo componeerde hij de muziek muziek voor een choreografie van Yoshiko Chuma en van Wim Vandekeybus (In as much as life is borrowed), voor de documentaire film Joe Schmoe van Greg Feldmans en een speelfilm the Killing Zone van regisseur Joe Brewster. Componist Stewart Wallace componeerde een concerto voor orkest en elektrische gitaar voor Ribot. Het National Symphony Orchestra creëerde dit stuk in Washington in 2004. Samen met Spiritual Unity, zijn free jazzgroep, bracht hij recent een album met hun interpretatie van het werk van Albert Ayler uit bij Pi Recordings. Samen met Calvin Weston, Jamaaladeen Tacuma en Anthony Coleman is hij aan het werk als The Young Philadelphians. Naast dit alles blijft Marc Ribot een actieve studiomuzikant, recent werkte hij mee aan Real Gone van Tom Waits, End of the World Party van Medeski Martin and Wood's, een nog uit te brengen solo opname van T-Bone Burnett en de muziek voor Walk the Line, een kroniek over het leven van Johnny Cash.
Laatst aangepast op 6/3/2006.